cariensblog

het blijft pionieren …


Onwezelijk

Toen ik een jaar of 8 was maakte ik een keer een enorme smak op de fiets. Zelf weet ik niets meer vanaf het moment dat ik begon te slippen op de modderige weg, en ik kwam pas weer bij toen ik achterin de auto lag op weg naar het ziekenhuis of de dokter. Maar ik weet van mijn ouders dat ik de hele tijd tussen die twee momenten in gewoon liep en mijn ogen open had, en het voor hen was alsof ik bij mijn positieven was. Ergens gedurende die blackout was mijn moeder mijn gezicht aan het schoonmaken en de wonden aan het deppen, en toen schijn ik gezegd te hebben “het is maar een nare droom, he mamma ?” En heel vaag kan ik me dat moment wel herinneren. Als in flard, door een dikke mist heen, een fractie van een seconde.
Vandaag moest ik een paar keer daaraan denken. Want er is iets vreemds gaande. Omdat het nu fysiek best goed gaat al een aantal weken heb ik af en toe ineens het gevoel dat het niet waar is, dat ik alvleesklierkanker heb. Alsof dat alleen maar een nachtmerrie was. En dan moet ik mezelf even toespreken. Dat het wél waar is. Gek hoor.

Advertisements